Wisdom of the community?!

Hoe beslissers in de juridische markt tot hun keuze komen voor het inroepen van expertise of capaciteit is een interessant proces. Op basis waarvan wordt nou eigenlijk beslist om voor Jan, Piet of toch juist Klaas te gaan?

Collega Marijn Rooymans blikt terug op hoe dit soort processen lopen, maar ook hoe het slimmer en sneller kan. Gebruik the wisdom of the crowd! “Stel je vraag aan een groep experts, laat hen reageren, input geven, kritische vragen stellen, oplossingen aandragen en een aanbod doen. Kies aan de hand van die real-time, op je vraag toegespitste, input je uiteindelijke adviseur.” Dat past heel goed bij wat we doen met LawyerlinQ. Dat kan geen toeval zijn!

Klik hier voor Marijns artikeltje dat onlangs verscheen op Mr-online.nl.

De gebruikte foto is van één van mijn persoonlijke favorieten: Yann Arthus-Bertrand.

 

Cloud is king?

De juridische sector heeft de afgelopen decennia niet vooraan gestaan bij het implementeren van technologische ontwikkelingen. Wat dat betreft kan LawyerlinQ worden gezien als een atypische speler in dit werkveld, omdat technologie hier juist een belangrijke rol speelt. De enigszins starre houding, die de juridische sector lange tijd heeft gekenmerkt, heeft inmiddels plaatsgemaakt voor een meer vooruitstrevende benadering wat betreft technologische ontwikkelingen. Toch valt er nog veel winst te behalen op dit gebied, al zijn er onmiskenbaar stappen gemaakt.

Flexibiliteit

Er bestaat een groeiende behoefte aan flexibiliteit onder advocaten en andere juridische professionals, met name onder de nieuwste generatie, maar net zo goed onder hun klanten. In de huidige 24-uurseconomie bestaat aan beide kanten van het spectrum de behoefte om ook met elkaar in contact te kunnen komen buiten de gebruikelijke kantooruren. Kanalen als Skype en WhatsApp maken dit uiteraard mogelijk, maar de toegankelijkheid van de cloud helpt hier ook bij. De mogelijkheid om documenten en dergelijke in de cloud op te slaan, zorgt ervoor dat zowel de juridisch specialist als de klant de voor hem of haar relevante informatie altijd binnen handbereik heeft. Internettoegang is daarvoor de enige voorwaarde en informatie delen is heel eenvoudig.

Hogan Lovells

Van de vele mogelijkheden van de cloud wordt nog niet optimaal geprofiteerd binnen de juridische sector. Aanvankelijk heerste er namelijk nogal wat terughoudendheid met betrekking tot de cloud in deze branche, maar de verwachting is dat de juridische sector een inhaalslag zal gaan maken in de komende jaren. Een belangrijke stap is hierbij gezet door een van de grootste advocatenkantoren ter wereld: Hogan Lovells. Zij kondigden in februari van dit jaar aan dat hun volledige documentbeheer naar de cloud is overgezet. Naar verwachting zullen vele advocatenkantoren dit voorbeeld op korte termijn volgen.

Veiligheid in de cloud

Er heeft binnen de juridische sector enige tijd twijfel bestaan over het werken in de cloud en dan met name vanwege de veiligheid. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat gevoelige dossiers of communicatie via de e-mail tussen advocaten en hun cliënten eenvoudig op straat kunnen komen te liggen als gevolg van hackers. De komende tijd zullen er ongetwijfeld talloze initiatieven volgen, bijvoorbeeld het opstarten van online communication portals, om de veiligheid van het gebruik van de cloud te bevorderen. Het online platform van LawyerlinQ past perfect in deze categorie. Actief in de cloud, in een buitengewoon veilige omgeving en met zeer korte lijntjes tussen juridisch specialisten en klanten.

Chatbots

Een andere trend in legal tech, naast de opkomst van het werken in de cloud, is dat er steeds meer gebruik wordt gemaakt van chatbots, een vorm van artificial intelligence. Deze maken juridische informatie 24/7 toegankelijk voor klanten die vragen hebben en zorgen voor meer uitgebreide antwoorden dan de gebruikelijke FAQ-pagina’s. Naast deze chatbots zijn er ook platforms ontwikkeld als Rocket Lawyer, waar men op de website snel in contact kan komen met advocaten voor allerlei juridische vragen of hulp met het creëren van bepaalde documenten.

Efficiëntie

De afstand tussen bedrijven, advocatenkantoren en zelfstandige juristen aan de ene kant en hun klanten aan de andere kant wordt dus op verschillende manieren verkleind, wat het voor de klanten makkelijker maakt om met hen in contact te komen. Daarnaast is het zo dat legal tech kostenbesparing oplevert, waardoor de tarieven voor klanten verlaagd kunnen worden. Zo worden administratieve kosten bijvoorbeeld gedrukt door het toenemende gebruik van geautomatiseerde tools.

Gezien de technologische ontwikkelingen van de afgelopen decennia is het natuurlijk logisch dat er nog veel meer te gebeuren staat in de komende jaren, zeker ook in de juridische sector. Bovenstaande trends in legal tech zullen zeker verder ontwikkeld worden. Het is dan ook raadzaam voor bedrijven, advocatenkantoren en zelfstandige juristen om hiervan op de hoogte te blijven en hier hun voordeel mee te doen.

Naar de markt voor juridische diensten?!

Juridische diensten worden vaak nog via een traditionele “handelsroute” ingekocht bij de advocatuur. Dat gaat natuurlijk prima, maar je zou ook kunnen zeggen dat dit niet meer helemaal past in een tijdsgeest waar de ene na de andere (technologische) disruptie zijn intrede doet.

Als procurement professional en jurist volg ik deze ontwikkelingen op de voet. En ik voorspel je: de oudste vorm voor het bij elkaar brengen van vraag en aanbod, “de markt”, zou weleens de nieuwe manier kunnen zijn om juridische diensten te kopen en te verkopen. Een echte markt werkt snel, is betrouwbaar, geeft differentiatie in aanbod en het is bovendien een goede manier voor zowel kopers als verkopers om hun transactiekosten te verlagen.

Geloof je me niet? Kijk eens met me mee naar wat we kunnen leren van één van de oudste markten ter wereld, de Grand Bazaar in Istanbul en de nieuwste generatie (online) markten als “Marktplaats” en “Werkspot”.

Je gaat toch niet naast je concurrenten zitten?

Loop je over de Grand Bazaar, dan is het eerste dat opvalt dat er veel kraampjes met soortgelijke producten bij elkaar zitten. Dit zie je ook vaak in Azië en Afrika waar hoekjes, volledige straten en soms zelfs hele wijken zijn ingericht met alleen maar sjaals, huisraad, tassen, etc. Ons westerlingen ontgaat vaak de commerciële logica van de keuze om zo dicht op je concurrent te zitten. Toch lijkt dit fenomeen te werken.

Het grootste voordeel is dat klanten altijd weten waar ze moeten zijn voor een specifiek product/dienst. Samen trek je zo een groter publiek. Als aanbieder zul je vervolgens alles uit de kast moeten halen om de klant voor je te winnen. Dat vraagt meer creativiteit en optimale dienstverlening door de aanbieder, wat weer in het voordeel van de klant is. Waardoor er in potentie nog meer klanten aangetrokken worden.

Ik denk dat het ook zo zou kunnen werken bij juridische diensten.

De keuze is reuze

Op de markt kijk je je ogen uit. De ene kraam is nog kleurrijker en voller dan de ander. Visueel word je op elke vierkante centimeter geprikkeld. Maar waar je dit in de fysieke wereld nog redelijk goed tot je kunt nemen, is dat op een 15 inch scherm een stuk lastiger. Het overzichtelijk (en daarmee aantrekkelijk) houden van een online markt is één van de grootste uitdagingen waar dat soort partijen mee worstelen. Het gevaar is dat je als bezoeker een “overkill” aan aanbod over je heen gestort krijgt. Dat kan afschrikken, verwarren en zelfs keuzestress geven en de aankoop frustreren.

Een klein voorbeeld uit het dagelijks leven: laatst zocht ik een 24 inch fiets voor mijn zoon op Marktplaats. Meer dan 6.000 hits kreeg ik voorgeschoteld (nieuw, zo goed als, gebruikt,..). Fijn dat er zoveel mensen tegelijk een fietsje te koop zetten, maar ik heb er maar één nodig. Dan kun je twee dingen doen. Filteren tot je een ons weegt of het aanbod in balans brengen met de vraag.

Bij juridische diensten zou ik ervoor kiezen om het aanbod te beperken. Dat maakt dat klanten uit een behapbaar aanbod kunnen kiezen zonder onnodig te hoeven filteren. En het zorgt er ook voor dat aanbieders een reële kans hebben om daadwerkelijk diensten te “verkopen”.

Het onderste uit de kan

Markten als de Grand Bazaar kunnen handig zijn om je onderhandelingsvaardigheden te trainen. Alle kraampjes langs op zoek naar de mooiste producten voor de beste prijs. Althans, dat denk je. Alle waar is naar zijn geld! Het is daar gebruikelijk om standaard 30% tot soms wel 60% boven de uiteindelijk verkoopprijs te openen. Voor souvenirs kan ik de lol van dit spel wel inzien, omdat het gaat om een eenmalige transactie en relatief goedkope spulletjes. Kwaliteit en relatie spelen daarbij nagenoeg geen rol.

Voor juridische diensten speelt vertrouwen echter een veel grotere rol omdat de afbreukrisico’s groot zijn. Daarom wil je een goede relatie opbouwen. Daarbij past dat je het gevoel wil hebben dat je direct een fair aanbod krijgt. Je wil geen handjeklap spelen alsof je op de Grand Bazaar staat. Dat doet afbreuk aan het vertrouwen dat je in je leveranciers stelt. Wat dan helpt is om de markt kleiner, exclusiever en transparanter te maken. In een meer professionele, transparante en exclusieve omgeving zullen partijen aan elkaar gewaagd zijn en minder geneigd zijn om te overvragen, of oneigenlijk te stunten met hun aanbod.

De “online” markt voor juridische diensten

Ik acht het heel goed denkbaar dat online markten voor juridische diensten straks net zo gewoon zijn als Uber, Airbnb, Werkspot en Marktplaats. Voor veel afnemers van juridische diensten zal de “digitale drempel” om online juridische diensten in te kopen een grote uitdaging zijn, maar dat is een kwestie van tijd. Uiteindelijk wordt het de normaalste zaak van de wereld.

Als ondertussen de online juridische marktplaatsen zich bij hun ontwikkeling laten inspireren door de fysieke wereld, dan weten vraag en aanbod elkaar net zo makkelijk te vinden als op de Grand Bazaar.

De lessons learned so far, voor mij als legal procurement specialist:

  1. Voldoende aanbieders, maar overdrijf niet!
  2. Het aanbod moet overzichtelijk zijn en makkelijk te “filteren” voor de klant.
  3. Wees continu kritisch op de aanbieders en zorg met regelmaat voor nieuwe toetreders.
  4. Creëer een exclusieve en transparante omgeving.
  5. Stel een “marktmeester” aan om alles in goede banen te leiden.

Zie jij er nog meer of wil je over bovenstaande eens van gedachten wisselen, laat het me weten.

Groet,

 

Wouter
wouter@lawyerlinq.com
0642715122

 

 

 

Mind the gap!

Platforms zijn hot. Hotter dan ooit tevoren. Ik las laatst in een stukje van het economisch bureau van de ING dat old-school spelers in de uitzendbranche (bemiddelaars, payrollers, (uitzend)bureau’s) binnen tien jaar tot 70% van hun markt kunnen verliezen aan platforms. Dat klinkt me – als platformondernemer – natuurlijk als muziek in de oren!

Maar hoe ver zijn we vandaag de dag dan met die platformeconomie? Ga jij regelmatig met een Uber naar je volgende (feest)locatie? (Ver)huur je een huis als het je uitkomt op Airbnb? Bestel je je eten met Deliveroo, Thuisbezorgd of Foodora? En in hoeverre maak je gebruik van een platform in je werkende leven? Met andere woorden: zijn er parallellen te vinden voor het gebruik van platforms in de B2C markt en binnen het juridisch domein?

Een rondje langs de velden

Laatst was ik een paar dagen in London om met partijen te praten die in ons werkveld actief zijn. De afsprakenlijst liep uiteen van legal tech ondernemers die een platform aanbieden tot gerenommeerde kantoren die bewust kiezen voor een aanpak met flexibele krachten.

Eerlijk is eerlijk, als ik door de City loop bekruipt me het gevoel dat het daar toch ècht gebeurt, althans dat men in London een stuk verder is. En het omhooglopen uit de catacomben van Waterloo Station geeft nou eenmaal ook een andere vibe dan mijn dagelijkse beklimming van de trapjes van metrostation Waterlooplein. De verwachtingen waren dus hooggespannen.

Wat schetst mijn verbazing? Al die internationale clubs die zich in de juridische sector profileren als platform kunnen één ding heel erg goed. Marketing. Van de voorkant ziet het er super gelikt uit. Alleen als je achter de voordeur kijkt blijken de processen aan de achterkant (nadat iemand online een vraag heeft gesteld) aan elkaar geknoopt te zitten met een wirwar van Google-forms, excelsheets en gelukkig: de telefoon.

Mama, kijk, zonder handen

Zo geavanceerd als we ons door de metropool begaven met Uber, zo niet-tech-advanced blijken veel partijen waar we vanuit Amsterdam naar opkijken. Zalen vol mensen zitten aan de achterkant de boel aan elkaar te regelen. Op de Chinese manier zoals wij dat noemen, inderdaad: met de handjes. Niks tech.

Enerzijds voelde dat als een geruststelling, anderzijds als moment van besef dat we (nog steeds) op een kruispunt staan om het echt goed te doen. Eigenlijk is het opmerkelijk dat we met LawyerlinQ de processen aan de achterkant tech-wise vrij goed op orde hebben en dat de marketingmachine min-of-meer stationair draait. Dat is een bewuste keuze. Eerst klanten maken en dan pas op de toeter blazen.

De beste stuurlui

Met regelmaat lees ik stukjes over de laatste ontwikkelingen binnen legal tech in de breedste zin. Vaak heb ik het gevoel dat er heel veel lawaai wordt gemaakt. Cruciale vraag is dan ook: “Wie praat erover en wie doet er daadwerkelijk iets mee?”. De ene innovation junky is nog niet uitgewouweld of de volgende zelfbenoemd consultant-in-change verkondigt dat legal tech nu toch echt omarmd wordt door de branche.

Gelukkig ken ik genoeg vooruitstrevende juristen die echt een stap zetten. Enerzijds klanten die slimme nieuwe oplossingen verzinnen om innovatief en efficiënt talent aan zich te binden, maar natuurlijk ook anderzijds: juristen die hun loondienstverband aan de wilgen hangen en gaan ondernemen als freelance lawyer of consultant.

Zij geloven er allemaal in dat er een verschuiving gaat plaatsvinden van vast personeel naar flexibel. En dat het benutten van flexibel talent veel makkelijker moet worden. De krachten achter deze verschuiving zijn zowel bedrijfseconomisch van aard (te grote vaste teams die niet optimaal benut worden zijn vreselijk duur) als simpelweg aanbod-gedreven. Dat laatste betekent dat er steeds meer flexibel talent op de markt zal komen. Talent dat zelf wil kiezen voor een opdracht (in plaats dat de baas dat voor hun doet). Het lijkt er op, zo blijkt uit een rapport van PeerPoint, dat de huidige generatie niet zondermeer bij een bedrijf/kantoor blijft totdat een promotie (tot wat dan ook) verkregen wordt.

Als je ook denkt dat bovenstaand aan het gebeuren is dan ga ik daar graag met je over in gesprek. Als je bovenstaand betwijfelt trouwens ook :-).

Nieuwjaarsbericht Maarten

We staan te trappelen om aan 2018 te beginnen, maar 2017 was een bijzonder jaar voor LawyerlinQ en voor mij persoonlijk. Daarom denk ik dat het leuk is om nog even terug te kijken, zowel voor de mensen die afgelopen jaar nauw betrokken zijn geweest bij ons bedrijf, maar ook voor diegenen die geïnteresseerd zijn wat er in onze markt gebeurt.

Wat heeft 2017 ons gebracht?

Laat ik beginnen met LawyerlinQ. 2017 zal de boeken ingaan als het jaar dat LawyerlinQ serieuze lift-off kreeg. Het aantal advocatenkantoren en juridische afdelingen dat koos om te partneren met LawyerlinQ steeg dit jaar met ruim 200%.

Wij waren gewend om potentieel interessante klanten zelf te benaderen, dus het was even schrikken toen er dit jaar voor het eerst partijen zelf bij ons aanklopten. Een duidelijker teken van product market fit konden we ons als start-up niet wensen.

De omzet steeg in 2017 ook met drie digits, maar minder hard dan de procentuele stijging van het aantal klanten. Reden: nieuwe klanten benutten vaak niet meteen optimaal de potentie van de eigen flexpool die we met hen opzetten. Voor komend jaar ligt hier een uitdaging voor ons.   

Maturity van de markt

We spraken ook in 2017 de meeste ‘beslissers’ in de top van de Nederlandse juridische markt. Het beeld dat daaruit ontstaat is dat de Nederlandse kantoren voor wat betreft ons domein een achterstand hebben ten opzichte van de Angelsaksische.

In Engeland (en de US) zie je dat met een veel bedrijfseconomischer bril gekeken wordt naar de voornaamste kostenpost: staffing. Flexpools worden steeds meer gebruikt als value driver, als methode om met behoud van kwaliteit de vaste (personeels)kosten te verlagen. Sommige kantoren doen dit in eigen beheer, anderen teamen met een partner, maar je ziet de laatste jaren ook dat sommige kantoren hun pool ‘branden’ als afzonderlijk merk. Denk bijvoorbeeld aan Peerpoint (Allen & Overy), Vario (Pinsent Masons) en Lawyers On Demand (Berwin Leighton Paisner).

Winstgevendheid en concurrentiekracht verbeteren

Ons beeld is dat de winstgevendheid en concurrentiekracht van veel Nederlandse advocatenkantoren sterk te verbeteren valt, door kritischer te kijken naar de eigen bezetting en de winstgevendheid. Voor de kantoren is de business case simpel. Gezien hun relatieve inefficiëntie (ik durf te beweren dat de gemiddelde bezettingsgraad rond 50% ligt) is het voor het vergroten van de winstgevendheid noodzakelijk om met behoud van kwaliteit de totale loonsom omlaag te brengen. Volgende stap is dan om productiecapaciteit te organiseren die je alleen hoeft te betalen als je weet dat er omzet tegenover staat.

More for less en wendbaarheid

Voor juridische afdelingen geldt een soortgelijke constatering. Onder druk om externe kosten te besparen zijn veel afdelingen gegroeid de afgelopen jaren. De gedachte hierbij is dat werk dat intern gedaan kan worden, niet uitbesteed hoeft te worden aan dure advocaten. Dat klopt natuurlijk, maar menig CFO is allergisch voor een toename van overhead en verwacht van zijn General Counsel een jaarlijkse reductie. Het tegemoet komen aan die zogenaamde ‘more for less challenge’ wordt nog complexer doordat de dynamiek van het huidige bedrijfsleven van juridische teams een steeds grotere mate van wendbaarheid vereist. Het noopt tot een nieuwe blik op juridische capaciteit, waarbij delen van het interne juridische werk en delen van het aan advocaten uitbestede werk op een andere manier gesourced worden. Automatisering speelt hierbij een rol, maar ook on-demand out- en insourcing via bijvoorbeeld een eigen flexpool.

Ook in 2018 betekent het hebben van veel omzet en veel medewerkers voor advocatenkantoren en juridische afdelingen niet automatisch dat hun resultaten goed zijn. Vanuit deze constatering zullen komend jaar vanuit LawyerlinQ de organisaties waarmee we samenwerken intensiever gaan helpen om met behulp van ons platform flexibele capaciteit in te zetten als middel om kosten te verlangen en winstgevendheid te vergroten.

En wat heeft 2017 mij persoonlijk eigenlijk gebracht?

2017 zal voor mij persoonlijk ook de boeken ingaan als het jaar dat ik ondernemer werd. Ik heb de tien jaar als werknemer (dank iedereen die mijn werkgever wilde zijn) net niet vol kunnen maken. Na precies 9 jaar en 11 maanden, op 1 april 2017, schudde ik mijn laatste baas de hand bij de notaris. Sindsdien zijn we businesspartners, en dat voelt goed! Bijkomend voordeel voor mij is dat ik na tien jaar werken eindelijk het gevoel heb dat ik iets heb gestudeerd dat ik zowaar in het dagelijks werkende leven kan gebruiken. Het duurt even, maar dan heb je ook wat!

Ik wens jullie allemaal een goed, gezond en succesvol 2018!

 

Maarten

PWC lanceert flexpool van advocaten in de VS

Dat er in het veranderende juridische landschap steeds meer aandacht voor en behoefte aan on-demand flexibiliteit bestaat, is niks nieuws. Onlangs lazen we al dat de Law Firms in de Verenigde Staten zich in steeds grotere mate gaan aanpassen aan de ‘behoefte van de millenial’, waar bij ‘flexibility’, ‘efficiency’ en ‘technology’ sleutelwoorden zijn.

Daarnaast zijn ook de pijlen van de Big Four steeds meer gericht op Legal Tech en lanceert PwC een flexpool van advocaten in de Verenigde Staten. Deze flexpool draagt de naam: ‘Flexible Legal Resources’ en heeft, net als de flexpools van LawyerlinQ, o.a. als doel het opvangen van grote pieken in de werkbelasting van juridische teams.

Lees hierover meer op: http://www.advocatie.nl/pwc-start-vs-met-flexpool-van-advocaten

Het Regeerakkoord: wat er voor opdrachtgevers verandert in 4 stappen

Werken met zelfstandige advocaten en juristen wordt makkelijker

Het verdwijnen van de VAR en de komst van de Wet DBA hebben afgelopen jaren voor veel onrust in de markt gezorgd. Het werd chaos. Zozeer zelfs dat de Belastingdienst zich genoodzaakt zag om de handhaving op te schorten.

In haar regeerakkoord kondigt het nieuwe kabinet maatregelen aan om snel te komen tot “een nieuwe balans tussen flex en vast”. De achtergrondgedachte hierbij verwoordt zij als volgt: “Wie bewust kiest voor het zelfstandig ondernemerschap leggen we niets in de weg. Tegelijkertijd beschermen we mensen die vaak onverzekerd en zonder alternatief zijn aangewezen op het ZZP-schap.”

In de commentaren over de inhoud van het Regeerakkoord die wij voorbij zien komen ligt de nadruk erg op een webmodule die er, naar Engels voorbeeld, gaat komen voor opdrachtgevers. Deze module gaat dan een ‘Opdrachtgeversverklaring’ opleveren die duidelijkheid geeft over het al of niet inhouden en afdragen van loonheffing en premies.

De een vindt dat een goed idee, de ander is er mordicus tegen. En de derde verwijst naar het debacle rondom de online ‘Beschikking Geen Loonheffing’ en vermeldt erbij dat de Belastingdienst helemaal niet in staat is om zoiets werkend te krijgen. Slechts een enkeling rept over de tariefsafhankelijke ‘opt-out’ die er waarschijnlijk komt. Voor de organisaties waarvoor wij vanuit LawyerlinQ flexpools maken, onderhouden en administreren, is echter juist dat aspect van cruciaal belang.

4 stappen: hoe het straks waarschijnlijk gaat.

I. Om te beginnen is het goed u te realiseren dat voor u als opdrachtgever, deze materie eigenlijk vooral van belang is voor de juridische professionals die u inhuurt om binnen uw organisatie te opereren. Advocaten en juristen die op afstand, evident buiten enige gezagsrelatie, diensten verlenen, vallen hier buiten.

II. Bedraagt het overeengekomen uurtarief > EUR 75 per uur dan bestaat de mogelijkheid tot een ‘opt out’. In de opdrachtovereenkomst legt u dan vast dat u en uw opdrachtnemer afzien van inhouding en afdracht van loonbelasting en de werknemersverzekeringen.

III. Als u zelfstandige advocaten en juristen inzet in uw reguliere bedrijfsactiviteiten, kunt u dat met de ‘opt out’ maximaal een jaar lang doen zonder het risico om achteraf aangesproken te worden op loonheffing of premieafdracht.

Reguliere bedrijfsactiviteiten
IJkpunt zijn de bedrijfsactiviteiten van uw organisatie als opdrachtgever. Juristen die werken binnen een advocatenkantoor of een rechtsbijstandverzekeraar, doen dat uiteraard in het kader van reguliere bedrijfsactiviteiten, maar het ligt in de rede te veronderstellen dat het begrip in de praktijk opgerekt zal worden naar situaties waarin een interim-jurist in een grotere juridische afdeling werkt. Kijkend naar de historie van dit dossier is het zeer waarschijnlijk dat de stelregel wordt dat een ingehuurde kracht die werk verricht wat in uw organisatie ook door medewerkers in dienstbetrekking gedaan wordt, werkzaam is in het kader van reguliere bedrijfsactiviteiten

IV. Duurt de opdracht langer dan een jaar? Dan hoeft dat op zichzelf nog geen aanleiding tot problemen te zijn. Mits:

  • het uurtarief > EUR 75 per uur is, er een opt-out regeling overeengekomen is, en de ingehuurde jurist NIET werkzaam is in reguliere bedrijfsactiviteiten.

Een interim jurist is niet werkzaam in reguliere bedrijfsactiviteiten als hij of zij niet tijdelijk een vacature vervult en er zijn geen medewerkers in dienstbetrekking die vergelijkbaar werk doen. Hiervan zal bijvoorbeeld sprake zijn als de werkzaamheden een duidelijk projectmatig en dus naar hun aard niet permanent, karakter hebben.

OF

  • uit de ‘Opdrachtgeversverklaring‘ via de nog te realiseren online module, blijkt dat er geen  gezagsrelatie is, of dat de ingehuurde professional zich daadwerkelijk vrij kan laten vervangen.

Zolang het begrip ‘reguliere bedrijfsactiviteiten’ niet volledig uitgekristalliseerd is, wordt het zaak om bij alle opdrachten die tegen de 12 maanden aanlopen, tijdig via de webmodule te checken of er niet sprake is van arbeid+loon+gezag. Is dat er wel, dan zal het vaak verstandig zijn om over te gaan tot inhouding en afdracht van loonbelasting en premies. Alleen als glashelder is dat de werkzaamheden niet tot de reguliere bedrijfsactiviteiten behoren kunt u zonder fiscale risico’s de samenwerking voortzetten als opdrachtgever-opdrachtnemer.

 

Vragen?

Wij bij LawyerlinQ zijn voorzichtig positief over de aangekondigde veranderingen. Naar het zich laat aanzien, wordt het voor uw organisatie makkelijker om het volledige potentieel van ‘on demand’ kennis en capaciteit te benutten.

Heeft u het beheer van uw flexpool uitbesteed aan LawyerlinQ? Dan mag u ervan uitgaan dat we de uitwerking van dit regeerakkoord voor u op de voet volgen. U hoeft dan niets te doen. ‘We take care of it all’ zoals u van ons gewend bent. Op termijn zullen we alleen uw akkoord vragen op aangepaste overeenkomsten en eventueel aangepaste beheersmaatregelen.

Heeft u andere vragen? Aarzel dan niet om contact op te nemen met uw LawyerlinQ community manager, of met mij natuurlijk: 0646443545

Marijn

Zeg, ken jij de hosselman/vrouw?

Ben jij al bekend met de kunst van het hosselen? De arbeidsmarkt verandert snel en daarom zijn nieuwe manieren van werken steeds belangrijker. We hadden het over hosselen dus… Iedereen schijnt het te kunnen, want iedereen heeft vroeger immers geknikkerd. Maar wat is dat dan precies, dat hosselen? Even geleden alweer, maar niet minder relevant voor vandaag de dag, stond hierover een leuk stuk in het NRC handelsblad.

Schermafbeelding 2017-05-26 om 13.53.46

Benieuwd waar deze afbeelding vandaan komt?

Uit het artikel

‘De opportunistische houding wordt belangrijker op een veranderende arbeidsmarkt, stelt Janjoost Jullens, oprichter van creatief platform Studio Wolfpack en mede-organisator van de avond in Pakhuis de Zwijger: ‘Skills for the next economy’. Jullens: „De technologie verandert ontzettend snel en er is steeds minder zeker.” Vaste banen verdwijnen, de gig economy komt op: een maatschappij waarin mensen meer en meer van losse opdrachten of tijdelijke contracten leven.

In die ‘nieuwe’ economie moet je kunnen hosselen, vindt Jullens, of je dat nu leuk vindt of niet. Een term die hij overigens prefereert boven freelancen of scharrelen: „Dat klink zo schattig. Hosselen is de honger hogerop te komen, gegeven een matige uitgangspositie. Het is een levenshouding. Er spreekt meer durf uit: ‘Dit kan ik, en daar ga jij voor betalen.’”

Jeanine Schreurs, auteur van het boek Ga hosselen, geld verdienen door ondernemend te leven, beaamt die gedachte. Hosselen beschrijft zij als „je kostje bij elkaar scharrelen, niet afhankelijk zijn van een enkele inkomstenbron, de handjes laten wapperen.” Een ‘hosselaar’ is volgens Schreurs een ondernemende duizendpoot, die kansen grijpt en risico’s spreidt. Gaat een opdracht niet zo lekker? Gelukkig staan er meerdere pannetjes op het vuur.

Is dat niet gewoon klassiek ondernemen? „Beslist niet”, zegt Schreurs. „Heb je het over ondernemen, dan heb je het al gauw over iemand die een bedrijf opzet. Een bedrijf dat succesvol moet zijn, en waar ondernemers zich bovendien geneigd zijn op blind te staren.” Hosselen daarentegen is een manier van leven, je bént dan de onderneming, stelt ze. „Het is je continu afvragen: met welke zaakjes kan ik precies genoeg geld verdienen om een leuk leven te hebben? Groeit een van die pannetjes uit tot iets groters? Dan is dat mooi meegenomen.”’

Klik hier voor het hele artikel.

 

 

 

‘The era of the intelligent enterprise’

Het onderwerp van het jaarlijkse onderzoeksrapport van Accenture is ‘technology for people, the era of the intelligent enterprise’. Hierin komen 5 IT trends voor innovatie aan bod waarvan ‘workforce marketplace’ een belangrijke is voor iedere organisatie.

5X7C9550

Benieuwd waar deze afbeelding vandaan komt?

Een groot deel van de ondervraagde organisaties stelt onder grote druk te staan als het gaat om innovatie ten aanzien van het personeelsbestand en de bedrijfsstructuur. Volgens hen zorgt een conservatieve bedrijfsstructuur voor teruggang van productiviteit en minder innovatiemogelijkheden. De meeste bestuurders zeggen dan ook van plan te zijn het komende jaar (meer) zelfstandigen te gaan inschakelen.

Wat moet er gebeuren om organisaties met conservatieve bedrijfsstructuren sneller en wendbaarder te laten worden, zodat ze kunnen inspelen op veranderingen en mogelijkheden die de huidige economie met zich meebrengt?

De platformtechnologie biedt uitkomst. Het (deels) vervangen van een traditionele structuur door een platform, draagt bij aan ondersteuning van dynamische samenwerking op on demand projectbasis, gebaseerd op vaardigheden, kennis en personeelsbehoeften. Twee aspecten staan centraal bij deze digitale transformatie:

  1. Online managen van werk op een platform. Door het gebruik van een platform wordt het plannen, managen en uitvoeren van freelance werk gemakkelijker. Daarnaast zal het personeelsbestand voor een groter deel uit zelfstandigen bestaan. Tenslotte maken digitale communicatie- en samenwerkingsmodellen het werken op afstand efficiënter.
  2. Arbeidskrachten on demand. Bedrijven moeten hun behoeften verbinden met het on demand aanbod van goed gekwalificeerde/geschoolde werknemers. Dit heeft voordelen ten aanzien van tijd, kosten, locatie en transparantie bij het matchen van vraag en aanbod.

Verouderde businessmodellen worden al op veel plaatsen (deels) vervangen door de zogenoemde talent marketplaces. Volgens het onderzoek zal dit de sleutel zijn tot snelle, innovatieve en organisatorische veranderingen die bedrijven nodig hebben om een ‘truly digital business’ te worden. Een tweede belangrijke trend uit het onderzoek is: Ecosystem power plays. Een platform werkt niet zonder een goed werkend digitaal ecosysteem. Het is van belang om zorgvuldig je (digitale) partners te kiezen, zodat je deze vervolgens kunt omarmen en vertrouwen waardoor beide kanten van het platform elkaar zullen vinden op de arbeidsmarkt: vraag en aanbod.

Kortom: koren op onze molen!

Natuurlijk weten we dat ontwikkelingen in het juridisch domein over het algemeen minder snel gaan dan in diverse andere branches, maar het is toch mooi te lezen dat we met LawyerlinQ op dit spoor zitten.

Voor het hele rapport klik hier en voor een beknopte versie klik hier.

 

 

LawyerlinQ in Advocatie magazine: 4 van onze klanten aan het woord

Schermafbeelding 2017-01-16 om 17.28.06

In Advocatie Magazine van september 2016 volop aandacht voor het fenomeen ‘flex pool’. Bij meer dan de helft van de kantoren die in dit stuk aan het woord komen is LawyerlinQ betrokken of betrokken geweest bij de flex pool. Op de achtergrond en zo hoort het ook.

Door Michel Knapen

Minstens 450 zelfstandig juristen en advocaten. Zoveel zijn er aangesloten bij het Netwerk van Ondernemende Juristen. En veel meer zouden tot het netwerk willen toetreden, maar ze voldoen lang niet altijd aan de criteria, zoals minimaal vijf jaar werkervaring. Wie wel wordt toegelaten, kan mogelijk rekenen op mooie opdrachten van grote advocatenkantoren die soms extra handjes of expertise nodig hebben.

Wil je het hele artikel lezen? Dan moet je hier even naar Advocatie Magazine gaan.